|
Rotterdam, 02-12-2003
Hallo vriendjes en vriendinnetjes,
Hier dan eindelijk weer eens een berichtje van me. Dat ik vorige week niets geschreven heb, had een reden.
Ik wilde elke week iets positiefs schrijven, maar de laatste weken was er even niets positief te melden.
De bestralingen lieten zich elke dag meer voelen en eten en drinken werd een straf voor me.
Het enige wat ik regelmatig at, waren pijnstillers en het doorslikken van een pijnstiller was zo pijnlijk dat ik daar weer een pijnstiller voor moest innemen. Oke, dit is misschien een beetje overdreven maar het geeft ongeveer aan hoe ik me de laatste 2 weken heb gevoeld.
Maar die tijd is nu voorbij en ik begin nu met de kreet; Joepieeeeeeeeee!!!!!!!
De 30 bestralingen heb ik gehad en nu, ongeveer een week na de laatste bestraling, merk ik dat de pijn in mijn mond een klein beetje minder wordt. Volgens de bestralingsarts duurt het nog een week of drie en dan zal de pijn helemaal verdwijnen. En als de bestralingsarts iets tegen me zegt geloof ik dat.
Ze vertelde me twee maanden geleden dat ik door de bestralingen een pijnlijke mond zou krijgen.
Ze kreeg gelijk. Toen ik een maand geleden vertelde dat mijn mond heel pijnlijk was geworden, zei ze,
“ Dat wordt nog veel erger.” En weer kreeg ze gelijk. En nu ze zegt dat over drie weken de pijn in mijn mond helemaal gaat verdwijnen, weet ik zeker dat ze weer gelijk krijgt.
Dat is één van de zeer positieve ervaringen die ik de laatste maanden heb opgedaan. De doktoren en het verplegend personeel zijn altijd heel open en eerlijk tegen me geweest en daardoor hebben ze mij, in een tijd van onderzoeken waarin ik van de ene onzekerheid in de andere rolde, toch zekerheid gegeven.
Als ik pijn kreeg, was dat niet prettig, maar ze hadden me er op voorbereid en maakte me geen zorgen.
Ik wist dat die pijn er bij hoorde. Als doktoren mij nu onderzoeken en tegen mij zeggen; 'Dat ziet er goed uit', dan weet ik ook dat het goed is. En voor die open en eerlijkheid wil ik alle doktoren en verplegend personeel die mij de laatste maanden hebben geholpen, heel erg bedanken.
Direct na de 30e bestraling zei ik, tegen de verpleegsters die me die dag hielpen, voor de grap;'En nu wil ik jullie voorlopig niet meer zien'. Maar direct daarna nam ik die woorden weer terug en sprak af dat ik ze heel graag wilde zien, maar op een zonnig terrasje of een gezellig restaurant, maar niet meer in de bestralingsruimte. En dan pas het liefst over drie weken, want dan is de pijn uit mijn mond helemaal verdwenen en kan ik alles weer eten en daar verheug ik me nu al op. Ik heb de laatste zes weken heel weinig gegeten en ben in die tijd acht kilo afgevallen. Nu had ik voor de bestraling al de nodige kilootjes over bagage dus de helft hoef ik niet terug, maar als die ook terug komen, vind ik dat ook niet erg, want ik heb gemerkt,'Beter een gezellige dikke,dan een sjacherijnige magere'.
Groeten van,
Aad van Toor
P.S. Ook de groeten van Sinterklaas
|
|